Kostennormering

VOI©E werkt in overleg met het CvTA aan een alternatief voor de kostennormering-AMvB, die met ingang van 2020 is vervallen. Het doel is te komen tot een methode om, rekening houdend met de verschillen in complexiteit tussen CBO's, de kosten inzichtelijk te maken. 
Op grond van artikel 2h van de Wet toezicht collectieve beheersorganisaties moet het CvTA erop toezien dat inhoudingen op rechteninkomsten redelijk zijn, in verhouding staan tot de door de CBO aan de rechthebbenden verleende diensten, worden vastgesteld op basis van objectieve criteria en de ingehouden kosten niet hoger zijn dan de gerechtvaardigde en gedocumenteerde kosten. Tot 2020 was sprake van een kostennormering-AMvB die uiteindelijk ook niet de voorkeur had van het CvTA. Deze AMVB is vervallen, mede vanwege de toezegging dat VOI©E in overleg met het CvTA aan een benchmarksysteem werkt dat beter vergelijkbaar, rekening houdend met de verschillen in complexiteit, de kosten inzichtelijk maakt. Daaraan is in de periode 2018 – 2020 gewerkt, met ondersteuning van IBI (Institutioneel Benchmarking Instituut).

Eind 2020 heeft VOI©E aan het CvTA kenbaar gemaakt dat op basis van versie 2.0 van de benchmark geconcludeerd is dat een dergelijke benchmark voor het interne toezicht geen toegevoegde waarde heeft en, naar de overtuiging van de leden, ook niet voor de externe toezichthouder en stakeholders. Het CvTA heeft daarop gevraagd een beter alternatief te onderzoeken. Daarbij heeft het CvTA een aantal suggesties gedaan, onder meer via uitbreiding van het jaarverslag.
Een voorbereidend comité van de werkgroep Financiën is daarmee aan de slag gegaan. Op 15 juni 2021 heeft de algemene ledenvergadering ingestemd met een voorstel van de werkgroep om aan het CvTA twee ‘producten’ voor te leggen die aan de verschillende doelstellingen van een benchmark kunnen voldoen: 

1. Uitbreiding rapportage kerncijfers aan het CvTA
Het CvTA maakt ieder jaar een rapport over de stand van zaken in CBO Nederland, waarbij een groot aantal resultaten van de CBO’s ook op een rijtje wordt gezet. Deze gegevens komen voor een belangrijk deel uit de jaarlijkse standaardrapportage van de CBO’s aan het CvTA. De werkgroep Financiën adviseert om deze rapportage uit te breiden.
De meeste kerncijfers komen uit versie 1.0 van het benchmark rapport, waarvoor uniforme definities zijn vastgesteld waarmee alle VOI©E-leden konden werken. Daarmee heeft de benchmark-exercitie een nuttige basis gelegd.
Tevens wordt voorgesteld dat het CvTA een reeds bestaand overzicht, verrijkt met een verdeling tussen repartitie en incasso kosten, in het jaarrapport opneemt, omdat dit meer inzicht geeft. Bij grote jaar op jaar mutatie kan dan een uitleg worden gegeven door de betreffende CBO. Deze rapportage geeft het CvTA meer inzicht en kan door het CvTA desgewenst gebruikt worden voor nader overleg met de CBO’s.

2. Inzichtelijk maken van de geldstromen
Door de belangrijkste collectieve Nederlandse geldstromen van incasso tot en met repartitie inzichtelijk te maken, kun de branche laten zien dat er een beperkt aantal ‘loketten’ voor betalingsplichtigen is en dat de cbo-sector op efficiënte wijze zorgt dat de gelden bij de rechthebbenden ook via een beperkt aantal loketten terecht komt. Zichtbaar wordt dat de ‘overlap’ in incasso- en repartitieactiviteiten tussen CBO’s heel beperkt is en daar waar overlap aanwezig lijkt, kan worden uitgelegd. Tevens kan zichtbaar worden gemaakt dat al veel wordt samengewerkt.

Over dit voorstel vindt in het najaar van 2021 nader overleg met het CvTA plaats.