Woensdag 9 maart heeft de Commissie van Veiligheid en Justitie van de Tweede Kamer gesproken over de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ). Op de agenda stonden onder meer de Mededeling van de Europese Commissie “Naar een modern, meer Europees kader voor auteursrechten” en de voorgestelde richtlijnen betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud en de online verkoop van stoffelijke zaken.

Realisme over Europees kader voor auteursrechten
Over de modernisering van auteursrecht werd aan minister Van der Steur de vraag gesteld of Europa niet te ver gaat in het streven om het auteursrecht te harmoniseren.
De minister antwoordde dat wij daar niet te veel van moeten verwachten, dat het nog wel enkele jaren zal duren voordat we aan een Europese auteurswet gaan denken en dat er op dit punt ook nog geen voorstellen zijn ingediend. Nederland staat overigens in beginsel wel positief tegenover verdergaande harmonisering, maar realistisch is om dat vooralsnog te beperken tot een aantal specifieke onderwerpen, zoals door de Europese Commissie aangekondigd.

Richtlijn levering van digitale inhoud
Langer werd stilgestaan bij de twee voorstellen die de Europese Commissie op 9 december 2015 heeft uitgebracht met daarin regels voor de levering van digitale producten, zoals e-boeken, films, muziek en software en voor de online verkoop van stoffelijke zaken. Gezien de grotere mate van consensus in Europa voor dit onderwerp wordt in de behandeling onder Nederlands voorzitterschap voorrang gegeven aan de voorgestelde richtlijn “betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud”. 
De richtlijn omvat niet de hele contractuele relatie, maar ziet op de belangrijkste rechten en verplichtingen van consumenten en handelaren. Het voorstel maakt onderdeel uit van de Digitale Interne Markt Strategie die door voorzitter Juncker van de Europese Commissie vanwege het daarmee beoogde positieve effect op de Europese economie is aangemerkt als een prioriteit. De minister van Economische Zaken is in nauwe samenwerking met de minister van Veiligheid en Justitie binnen het kabinet eerstverantwoordelijk voor de onderhandelingen over dit voorstel. 

Levering van digitale muziek, video, games en CD’s
De richtlijn over digitale inhoud heeft betrekking op alle overeenkomsten waarbij digitale inhoud in ruil voor geld of louter persoonlijke gegevens wordt geleverd, zoals muziek, video, games en CD’s. De regels hebben betrekking tot uiteenlopende aspecten van overeenkomsten. Zo zijn er onder andere regels opgenomen over de wijze van levering van de digitale inhoud, aansprakelijkheid van de leverancier wanneer de digitale inhoud bijvoorbeeld niet aan de overeenkomst voldoet (non-conformiteit) en rechtsmiddelen waar de consumenten gebruik van kunnen maken wanneer sprake is van non-conformiteit. Verder zijn er voorschriften opgenomen over het recht voor de consument om de overeenkomst inzake digitale inhoud te ontbinden, de wijze waarop dit dient plaats te vinden en het recht om schadevergoeding te vorderen wanneer sprake is van non-conformiteit. De richtlijn gaat uit van volledige harmonisatie.

Nederlandse positie ten aanzien van het voorstel  
Het Nederlandse beleid is gericht op het juiste evenwicht tussen een hoog niveau van consumentenbescherming en het concurrentievermogen van het bedrijfsleven, onder andere via beperking van regeldruk. 
In Nederland valt digitale inhoud die niet op een materiële drager is geleverd en die niet is geïndividualiseerd of waarover geen feitelijke macht kan worden uitgeoefend (bijvoorbeeld streaming) niet onder de koopregels. Daarbij geldt dat een streamingcontract onder het algemene overeenkomstenrecht van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek valt. De consument kan een beroep doen op bepaalde remedies (zoals ontbinding) wanneer sprake is van een toerekenbare tekortkoming. Voor andere digitale inhoud (bijvoorbeeld downloads) geldt dat de koopregels – overeenkomstig – kunnen worden toegepast en de consument recht heeft op een met de overeenkomst overeenstemmend (digitaal) product – bij gebrek waaraan hij bepaalde rechten heeft. 
Door Kamerleden werden vooral zorgen geuit over het uitgangspunt van maximale harmonisering (standaardregeling), dat ertoe kan leiden dat straks het hoge beschermingsniveau voor de consument in Nederland moet worden verlaagd. De minister gaf aan dat de Nederlandse inzet uiteraard het hoge Nederlandse beschermingsniveau is, maar dat hij dat niet kan garanderen. Aan de andere kant is het voor Nederlandse ondernemers en consumenten ook van belang dat er een gelijk speelveld komt.
Maar er zijn meer zorgen over de consequenties van sommige voorstellen. Het streven is het onderhandelingstraject een stap verder te brengen door de JBZ-Raad in juni op kernelementen knopen door te laten hakken.

11-03-2016