"De kunstenaar is de economische paria van deze tijd. Er wordt op ze bezuinigd, hun auteursrecht wordt geschonden, het publiek is niet meer bereid om op internet te betalen voor hun creaties. De situatie is alarmerend", aldus Van Klink in een interview met de NRC.

Van Klink deed in het kader van het Topsectorenbeleid onderzoek aan de Universiteit van Tilburg, betaald door NWO en kunstenvakbond FNV Kiem. In zijn deze week verschenen boek De bijzondere economie van het kunstenaarschap. Wat iedere kunstenaar moet weten beschrijft hij hoe vijf rolmodellen wel goed kunnen leven van hun kunstenaarschap. Wat Paul Verhoeven, Anton Corbijn, Arnon Grunberg, Herman van Veen en de Golden Earring gemeenschappelijk hebben? "Ze zijn door roeien en ruiten gegaan, hebben een enorm doorzettingsvermogen, hebben allemaal financieel moeilijke tijden meegemaakt maar met een geloof in eigen kracht overleefd en hun strategie steeds aangepast aan de omstandigheden."
 
Maar net als andere kunstenaars zijn ook zij een economisch alien. Met die term wil Van Klink aanduiden dat de kunstenaar niet past in de economische theorie. "Die gaat uit van mensen die inkomen verwerven om daarmee consumptiemiddelen te kunnen kopen. Als hun arbeid in de ene sector te weinig opbrengt, dan gaan ze naar een andere sector. Maar kunstenaars laten zich alleen leiden door artistieke prikkels, ze willen creëren. Dat en de problemen aan de vraagzijde maken de kunstmarkt de moeilijkste aller markten."

De oplossing ziet Van Klink niet in subsidieregelingen maar in een door de overheid ondersteund agentschap voor mensen die nieuwe marktmogelijkheden scheppen voor kunstenaars. Daarnaast zou de politiek het auteursrecht veel beter moeten regelen om de verdiensten van kunstenaars te verhogen. Als voorbeeld haalt hij de overheidsinzet in Denemarken en Groot-Brittannië aan, waar de creatieve industrie veel meer wordt beschouwd als een economische kracht.

Het interview is hier na te lezen.

23-09-16