Buitenlandse aanbieders moeten thuiskopievergoeding betalen

Het Europese Gerechtshof heeft Stichting de Thuiskopie op 16 juni in het gelijk gesteld in een langlopende rechtszaak over de vraag wie verantwoordelijk is voor de afdracht van thuiskopievergoedingen. Het Europese Hof oordeelt dat, ook als deze dragers via een buitenlandse website worden aangeschaft, de (buitenlandse) verkoper verantwoordelijk is voor afdracht van de vergoedingen.

Op grond van Europese regelgeving hebben de Lidstaten de mogelijkheid om in hun wetgeving toe te staan dat consumenten kopieŽn maken voor privégebruik. Daarbij geldt als voorwaarde dat de rechthebbenden een vergoeding ontvangen voor het nadeel dat zij hierdoor lijden. Nederland heeft, zoals vrijwel alle Europese Lidstaten, van die mogelijkheid gebruik gemaakt. Het Europese Hof stelt in zijn uitspraak vast dat de Nederlandse Staat verplicht is de betreffende wetgeving zo in te richten dat rechthebbenden die vergoeding ook daadwerkelijk ontvangen.

Concreet betekent de uitspraak dat, als Nederlandse consumenten blanco cdís en dvdís kopen via een in het buitenland gevestigde website, de commerciŽle verkoper de thuiskopievergoeding dient door te berekenen in de prijs van de cdís en dvdís. De kopieerhandeling vindt immers plaats in Nederland en daar wordt het nadeel van het privé-kopiŽren geleden.

De uitspraak is van groot belang voor makers van muziek en films in zowel Nederland als in de overige lidstaten van de EU. Veel aanbieders van dragers waar een thuiskopievergoeding voor geldt, hebben zich in het buitenland gevestigd, juist met het doel om die vergoedingsplicht te ontlopen. Nu is duidelijk dat ook in die gevallen de vergoeding moet worden betaald, volgens de geldende tarieven van het land waar de kopiŽrende afnemer is gevestigd.

Bij de Nederlandse rechter lopen momenteel nog twee rechtszaken over de vraag of ook voor nieuwere voorwerpen waarop consumenten privékopieŽn maken, zoals mp3-spelers en harddisk recorders, een thuiskopievergoeding betaald moet worden. De uitspraak van het Europese Hof van vandaag sterkt de rechthebbenden daarbij in hun standpunt dat er een resultaatverplichting bij de Nederlandse Staat ligt om te garanderen dat zij daadwerkelijk een vergoeding ontvangen voor op deze voorwerpen gemaakte kopieŽn.

Ook het onlangs gepubliceerde voornemen van Staatssecretaris Teeven om de thuiskopievergoeding geheel af te schaffen komt door de uitspraak van vandaag in een ander daglicht te staan. Teeven heeft voorgesteld om downloaden uit illegale bron te verbieden en verbond daaraan de consequentie dat er dan ook geen aanspraak meer zou bestaan op een thuiskopievergoeding. Omdat uit onderzoek echter blijkt dat een groot deel van de gemaakte kopieŽn niet van internet afkomstig is, geldt dat voor die (toegestane) kopieŽn hoe dan ook de vergoedingsverplichting moet blijven bestaan. Dat is in overeenstemming met de bestaande praktijk in vrijwel alle andere Europese Lidstaten, waar naast een verbod op illegaal downloaden, tevens een stelsel van thuiskopievergoedingen van kracht is op voorwerpen die door consumenten worden gebruikt om te kopiŽren.

16-06-11

X

Meld u aan voor onze nieuwsbrief.

Hartelijk dank voor uw aanmelding.

U heeft niet alle velden ingevuld.

U heeft een ongeldig e-mailadres ingevoerd.